HG uit SG
Met lichte vertraging vertrekt onze vlucht vanaf Schiphol naar Singapore met Singapore Airlines. Prachtig, alles nieuw met fraaie dames die hun even fraaie benen uit dito lijf rennen om het de passagier maar naar de zin te maken. Zo krijgen we een zakje uitgereikt van Givenchy made for Singapore Airlines met daarin een tandenborstel, tandpasta en sokjes om vervolgens op de menu- annex wijnkaart te bekijken hoe aangenaam we de vlucht laten verlopen. We zitten aan stuurboord achter de vleugel en hebben drie stoelen tot onze beschikking. Dit is géén Arke.
Na een vlucht van ruim twaalf uur bereiken we Singapore rond zes uur lokale tijd. Het is nog donker als we boven de haven van Singapore vliegen en de lichten van de stad een adembenemend schouwspel opleveren. Singapore's Changi Airport is groot, heel groot.
De afhandeling van de koffers en de passage langs de douane verlopen vlekkeloos, in ieder geval beter dan onze medelander Johannes van Dam destijds, niet te verwarren met de culinaire recensent uit het Parool. Een taxi wordt gecharterd naar Harbour Front Terminal. Singapore's skyline in het ochtendgloren is meer dan indrukwekkend. Evenals de Harbour front trouwens. Vanaf de kade zien we de ochtendzon Sentosa Island verlichten: een soort Disney World. Skytrains op monorail vliegen over space trajecten door de lucht. En ja, alles is in tegenstelling tot andere Aziatische landen, schoon. Hygienisch, klinisch.
De teerling is geworpen
Alea jacta est.
Lantadivers, de grootste duikschool op dit eiland is het geworden. Zeven uur 's morgens worden we opgehaald met een pick-uptruck. Een klein halfuurtje later drukken we de hand van Daan, zesentwintig of zo iets. Divemaster uit Klundert een plaatsje in het Brabantse verscholen achter Breda. Aan boord: koffie, thee, chocomel, Fanta, Coca Cola en water zoveel je wilt. Het ontbijt staat bijna klaar. Spek, eieren, rauwkost en broodjes vullen enige tijd later de lege maag. Een boottochtje van anderhalf uur varen later komen we aan bij Koh Haa Laguna. Een korte duikbriefing later liggen we te water als Daan het teken geeft, duim naar beneden (in het antieke Rome was dat voor een gladiator geen goed teken), om af te zakken naar 18 meter. Het water met een temperatuur van dertig graden is helder en heeft een prachtige lichtval. Echter, verwend als we zijn door onze Maleisische duikervaring valthet enigszinstegen. Seen that, been there, done that. Maar daar waren we al voor gewaarschuwd. Als je met een Ferrari begint valt een Lada tegen. Maar het blijft absoluut leuk om te doen.
Na de lunch heeft een andere boot met duikers een whaleshark gespot. Ineens is de hele boot in rep en roer. Snel trekken we onze spullen aan en doen een rappe buddycheck om onze apparatuur te testen. Plusminus twintig man m/v liggen in het water op zoek naar het planktonetende gevaarte van acht tot dertien meter. Alsof je naast een vrachtwagen ligt. De opwinding slaat naar mate de duik vordert om in ontgoocheling als het beest zich niet laat zien. Na een kleine vijftig minuten sucktor et emergo zitten we weer op de boot. Gevoed als we zijn door conspiracie-theories zoals die dat Kennedy vermoord is door de CIA en het militair industrieel complex en George Bush11 september heeft geensceneerd om Irak binnen te vallen vermoeden we ook hier doorgestoken kaart om ons zo snel mogelijk weer aan land te krijgen. Dit wantrouwen zal wel aan ons liggen. Maar zelfs duikers die hieral vijfhonderd duiken hebben gemaakt zijn noggeen whaleshark tegen gekomen. Slechts een enkeling kwam deze per ongeluk tegen. Vermoeid als we zijn gaat in hutje Glazpol die avond het licht om kwart over negen uit. Zelfs in onze dromen laat de whaleshark zich niet zien.
Home Alone
Linda checkt haar email en leest het volgende bericht verstuurd vanuit haar emailaccount:
Mededeling eventuele overlast
Hoi lieve buurtjes,
Vrijdag 5 maart geef ik een klein feestje. Ik doe mijn best de overlast zo veel mogelijk te beperken maar het kan zijn dat jullie hier toch last van hebben. Als jullie nog vragen hebben kunnen jullie altijd aanbellen of mailen naar[email protected].
Liefs,
Djadi
Visioenen van cokedealende en snuivende scooterjeugd die achteloos lege flessen tegen de muren smijten doemen op terwijl ze de opgerookte joints en sigaretten op onze whitewash eiken vloer laten vallen. In gedachten zien we perceel Edmond Halleylaan gereduceerd worden tot een smeulende puinhoop waar politie, brandweer en andere hulpdiensten na, te laat ingrijpen, middels diverse processen verbaal en in bewaringstellingen een einde aan dit bacchanaal maken.
Direct na het lezen grijp ik mijn telefoon en bel Djadi. Ze neemt de telefoon op en roept heel relaxed: 'hoi Pap'. Een tirade vanuit onze Maleisische hotelkamer breekt los. Linda neemt ook haar aandeel in deze scherpe veroordeling van Djadi's handelen. Rob en Wil worden ingeschakeld om als interventiemacht te dienen. Inmiddels heeft Djadi Rowdy en Jane,onze buren, geraadpleegd om emotioneel haar verhaal te doen. Ook zij dienen als Verenigde Naties crisisteam. Het is de bekende storm in een glas water. Het blijkt een onschuldig filmavondje te zijn met wat vaste vrienden die toch al wekelijks bij ons over de whitewash eiken vloer komen en altijd keurig hun schoenen uit doen alvorens deze te betreden. Zoals de waard is, vertrouwt hij zijn gasten. Schaamrood staat ons op de kaken maar blijft ongezien vanwege onze opgedane teint We smsen onze bemiddelaars en bedanken hen. Excuses voor Djadi vanwege het ontbreken van ons vertrouwen. Een paar dagen later krijgen we het volgende emailtje en pissen in de broek van het lachen:
Hoi papa en mama,
Nou, ik zal het maar gelijk opbiechten. Heel puberend Amsterdam was hier gisteren. De tafel is een ander kleurtje, de banken zijn wit van cocaïne of sperma (dat moet nader onderzoek nog uitwijzen), het kookeiland was te klein voor de lading Smirnoff, de stoelen zijn naakt aangezien het leer eraf gestolen is, de tv heeft een spannende barst door het midden, Jimi Hendrix is gevilt, de boot in de fles dobbert op pisang ambon, de vloer heeft verschillende spannende kleurtjes, er is geen gras meer te zien door uitgedrukte peuken, je wiet is op, je gitaren zijn verbrand bij een vreugdevuur.
Haha, oke, grapje. Schrokken jullie al?
Het was heel gezellig, we hebben gewoon film gekeken en er zijn geen vreemde mensen in huis geweest. Vanmiddag ga ik denk ik even bij oma Leny langs en morgen komen opa en oma om 11 uur op de koffie (voor het eerst vroeg opstaan dus, haha..). Morgen koffer inpakken, maandag ardennen!
Hoe is het daar?
xxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxx
jullie allerbraafste dochter, ik hou van jullie.
Pffff....... en dan vakantie
Ledigheid is des duivels oorkussen. Dus ploffen we vandaag neer op een groot strandbed en verkopen we onze ziel aan Satan. Voor het eerst deze reis moet er niks en mag alles. De uitzondering is het duiken hier op Koh Lanta, dat moet nog gebeuren en dat is geen zware opgave want inmiddels in het derde land van deze reis willen we dit ook in ons PADI-logboek geregistreerd hebben. De komende dagen zullen we hangen, bruinen, drinken, eten en ontspannen. De enige vorm van beweging is de strandwandeling om zo nu en dan niet geheel vastgeroeste gewrichten te krijgen.
Een andere vorm van beweging, uitgezonderd de beweging in onze aircohut, is gemotoriseerd. Voor slechts 250 Baht/dag of 40 Baht/uur kan je een scooter huren. Rondcrossen dus al is de eerste die we huren een roze. Met onze, oh so gay but we are on our way, luidkeels Aerosmith zingend, Pink is my favourite colour scooteren we aan de linkerkant van de weg.
Koh Lanta is gemoedelijk, heeft geen girlie-bars en dus geen typische sekstoeristen met overgewicht en staartje ondanks dat het schedeldak als heliport kan dienen, who only get laid because they paid.
Linda is brommertechnisch gezien nog maagd vandaar dat we de volgende dag twee scooters huren. Ja, het mag wat kosten! Deze keer de Pink Lady voor Linda en ik de Big Black Bike. MC Lanta Angels is geboren. Spontaan begint ons haar onder de helm te wapperen, verschijnen op diverse plaatsen op ons lichaam wilde tatoeages en is snoeiharde rockmuziek het enige wat ons gehoor nog kan velen.
Planes, boats and automobiles
Bohol Filippijnen naar Koh Lanta Thailand. De zwaarste etappe van onze reis. Half elf nemen we een taxi naar de snelle veerboot van Tagbilaran Bohol naar Cebu City. In de SM shoppingmall hebben we nog een kleine pitstop bij Gerry's. Het is maar de vraag wanneer we weer wat behoorlijks te eten krijgen. Vandaar uit naar het vliegveld op Mactan Island. Met Cebu Pacific vliegen we naar Manila. Inflight entertainment bestaat uit een spelletje. Er zijn drie toilettasjes met Cebu Pacific logo te winnen. We worden bestookt met moeilijke vragen zoals wie kan zijn boardingpass laten zien of wie kan tien vingers opsteken. Zwaar intellectueel vermoeid landen we op Manila. Wachttijd drie uur voor we door kunnen vliegen naar Bangkok Suvarnabuhmi International Airport. Onze aankomst is 19 maart 23.50. Er zijn weer massale demonstraties is Bangkok vandaar dat we het vliegveld niet af willen. De vlucht naar Krabi met Thai Airways vertrekt 20 maart 08.00. Dat betekent dus luchthavenliggen tot we mogen boarden. Onze bed vannacht bestaat uit de marmeren vloer van Suvarnabuhmi wel voorzien van airco. Ervaring als daklozen ontbreekt ons. Mijn wollen trui en Linda's capuchonjack zijn de grootste luxe tijdens deze Suvarnabuhmi Survival. De ongeveer vier jaar geleden geopende luchthaven is een architectonisch wonder maar heeft een slechte ligging. In ieder geval voor onze ruggen.
Aan boord van de Thai Airways Airbus waar de koffie wordt geserveerd knappen we enigszins op. Na een uurtje landen we op Krabi Airport waar de bus nemen die ons naar de veerboot brengt naar Koh Lanta. Het is inmiddels twee uur ´s middags als we eindelijk Koh Lanta bereiken. Als we dan eindelijk voor een geschikte prijs een strandbungalow met airco hebben is het half vijf. We zijn te vermoeid om zelfs nog een biertje te drinken. We verwisselen de reiskleding voor zwemoutfit en spoelen het zweet en stof door de zesentwintig uur durende reis opgedaan af in het zwembadje. We zijn twee bootreizen, drie vluchten, vier taxiritten verder. De eerste Thaise maaltijd wordt genuttigd met cola en water. Enige vorm van alcohol is zelfs ons nu te veel. Een echt matras in een airco hut is nu onze prioriteit.
Open Water
Moalboal achter ons latend vertrekken we per bus naar Cebu City. De bus voorzien van ARKO (Alle Ramen Kunnen Open) is nokvol. De busconducteur neemt onze tassen uit handen, sommeert twee jongens hun plaatsen af te staan en propt de tassen in het bagagerek. Na een stoffige reis gelardeerd met uitlaatgassen bereiken we na ruim twee uur Cebu City. Een taxi brengt ons naar de haven. Vanaf pier 6 vertrekt de supercat om twee uur 's middags naar Bohol. Met een snelheid van 60 km/u wordt Tabiglaran bereikt, aankomst 16.00 uur. Na de gebruikelijke taxistrijd vinden we een taxi die ons naar Alona Beach vervoert. Kosten 300 peso's. Een franse dame in Moalboal heeft ons het Pangloa Regents Park Hotel aanbevolen. Het is inderdaad, schoon, nieuw en heeft prachtige aircon kamers en is voorzien van een groot zwembad. Dit gaat 'm zeker worden voor de komende drie nachten. Dag twee wordt gebruikt om wat relaxen, zwembadje doen en oriëntatie, m.b.t, de vele diveshops die hier zijn. Slenterend over het strand checken we het aanbod, bekijken de staat van de uitrustingen en de geplande duiktrips. Sundivers (http://www.sun-divers.net/ heeft onze voorkeur. Wederom duits management. Zij gaan niet naar het populaire Balicasag Island zoals de andere diveshops dat wel doen, Het weer, stroming en zicht onderwater staan een comfortabele duik in de weg.
Vroeg uit de veren maar dat zijn we elke dag, op naar Sundivers. Twee goede duiken maken we met wederom klein en mooi spul om te zien. Na de eerste duik lagen we zeker een kwartier te wachten tot we opgemerkt werden door onze boot. Onze Filippijnse bemanning , voor anker met de outrigger, lag zeker te dutten. Hoogtepunten zijn een gigantische murene, poetsgarnalen en een mooie zeeslak.
U46 und U49 fertig zum abtauchen
Het is zondag 14 maart. Kameraad Ruud bestaat een halve eeuw en vriendin Sapho wordt weer dertig. Ajax gaat punten wegtrekken bij de gloeilampenboeren. Maar gezien het tijdsverschil is dat nog ver weg. Na het ontbijt melden we ons 5 minuten voor 9 bij Qua Vadis. Onze afspraak staat om 09.00 uur met Michael. Met de punktlichkeit die wij van onze oosterburen gewend zijn, stapt om 09.00 uur stipt Michael van zijn gemotoriseerde ros. Uitrusting, kennismaking met Ted onze gids en briefing volgen wirtschaftwunderlich nauwkeurig elkaar op. Op de outrigger volgt een laatste briefing a.d.h.v. de laatste duikomstandigheden en met een boude commandosprong vervuilt onze aanwezigheid de anders zo schone, aquamarijnkleurige Cebu Straits.
Zwevend langs een steile wand van koraal, meegevoerd met een milde stroom vergapen wij ons aan de overdadigheid van kleuren, vormen en formaat van het levend koraal. Op de diepte van 18 - 20 meter vervolgen we onze duik, een schildpad ons tocht kruizend. Geleidelijk neemt de intensiteit van de kleuren toe en wordt het wateroppervlak zichtbaar. Beneden gaapt een stijl, donkerblauw ravijn waar de grote jagers geduldig wachten.
Na de verplichte afgifte van stikstof en inname van een koolhydraten rijke lunch melden we ons voor de duik bij Pescador Island. De boodschap is duidelijk: stroming kan sterk zijn en blijf niet te lang kijken naar de duizenden sardines die in duizelingwekkende vaart in onvoorspelbare banen opgejaagd worden door jackfish en tonijn. Ted heeft gelijk, deze maalstroom van aspirant John West conserven werkt desoriënterend. De school achterlatend, wordt de duik vervolgd. Een gigantische wand van koraal is de rest van de duik onze aanblik, tien meter beneden ons draait de white tip reef shark zijn rondjes (http://www.youtube.com/watch?v=Ey87UtbsJsI ). Onze mededuiker Stefan weet dit te filmen. Na 45 minuten is de wind aangewakkerd tot krachtig. Nat en enigszins verkleumd ziin we trots als we weer voet aan wal zetten. Duik 12 wordt bijgeschreven in de boeken.
Back to Black
Na drie nachten op Siquijor houden we het voor gezien. We gaan naar de overkant, naar Negros. Meer nauwkeurig naar Dauin. Om daar te komen moeten we eerst de ferry nemen naar Dumaquette City en dan verder met de tricycle naar Dauin. Als we daar aankomen en de zwarte stranden zien weten we waarom Negros zo heet. Hier moeten we dus niet zijn. Bovendien liggen resorts op ongemakkelijke afstand, right in the middle of fucking nowhere. Om drie dagen aan een zwembad te liggenter grootte van een plastic HEMA opblaasbadje trekt ons niet zo. De naam Wellbeachresort is onterecht, Hellbeach is toepasselijker.
Dus gaan we weer met de meneer van de tricycle over de stoffige, hobbelige wegen naar Dumaquette. Na online aanmelding bij de ex mijnwerkersvakbond vanwege onze stoflongen nemen we de retourweg en iets meer. Daar brengt de de fastcraft ons naar Cebu Island, Na een uurtje varenarriveren weop Cebu. Maar we moeten nog naar het busstation van Liloan. Uiteraard staan er weer heren met een tricycle die ons daar naar toe willen brengen. Na enige zoeken en onderhandelen vinden we er een die ons voor zestig peso's pp wil vervoeren . Het is passen en meten maar dan zijn we onderweg met vier personen inclusief bagage en de chauffeur dan nog niet meegerekend.
Als we aankomen op het busstation rijdt onze chauffeur de net wegrijdende bus klem en kunnen we direct plaatsnemen in een vrijwel lege bus. Na twee uur hobbelen bereiken we Moal Boal. Daar moeten de witte stranden zijn. Die zijn er ook maar mijn vloeitjes zijn breder. We nemen onze intrek in het Marina Village Beach Resort
(http://www.marina-village-resort.com ). We gaan wat drinken en een pizza eten. In een bar raken we in gesprek met de Duitse manager van een duikschool (http://www.moalboal.com ). Aardige vent, we lullen wat over Herman Brood en zo. Morgen zullen we eens bij hem langs gaan voor een duikje of twee te maken.