Phu Quoc: In drie gangen met chardonnay
Vliegen met Vietnam Airlines vanaf Saigon naar Phu Quoc Island. Het is ongeveer een uur. Tien uur gaat onze vlucht en deze gaat op tijd. Phu Quoc is een redelijk populaire bestemming. Na aankomst delen we een taxi met twee Aussies. En gaan we op de bonnefooi op zoek naar accommodatie. Lastig want veel zit vol. Uiteindelijk komen we uit bij Thousand Stars Resort. Een kruising tussen een themapark en bungalowpark. Toen dit in 1976 ??? werd gebouwd was het vast een plek waar de partijbonzen naar toe gingen ter ontspanning en waar de helden van de revolutie even mochten ontspannen.
Nu is het oud, gedateerd, vervallen, niet onderhouden en in ieder geval ons onderkomen voor de nacht. Morgen zien we wel verder. Die volgende morgen zien we niet alleen verder maar horen ook verder. Al om half acht zit een groepje Chinese mannen te zuipen, te gokken en te krijsen. Is dit het volk dat Confucius voortbracht? Het ontbijt is beter in een gemiddeld Siberisch Sovjetkamp. De overnachting hier zal zeker geen vervolg krijgen..
Gelukkig hebben we de vorige avond al gereserveerd bij Hiep Lien Thanh. En rond tienen nemen we taxi naar dit resort. De afstand is hemelsbreed 300 meter. De taxi gaat hier via de taximeter dus hoeven we nog geen euro af te rekenen maar we geven de geduldige chauffeur iets meer dan dat. Onze kamer is schoon, heeft geen warm water maar wel een koelkast , klamboe en fan. Prima voor de komende dagen.
Naast ons zit het prestigieuze La Veranda Resort een gebouw in Frans koloniale stijl met alles er op en alles eraan zoals een prijskaartje van 250 euri per nacht. Het lijkt ons wel een goed idee om wat we per nacht uitsparen aan slapen te spenderen aan eten en drinken bij de buren met hun fantastische wijn -en spijzenkaart.
Met een simpel driegangen dinertje met een chardonnay besluiten ween gaan naar ons karig hutje.
Tour of Duty: Agent Orange, Cao Dai Tempel, Tunnelvisie en AK47
06.00 uur Reveille. Na het ontbijt zitten we startklaar, wachtend op de bus, buiten op het terras. Het is Maandag en iedereen gaat weer aan het werk. Naast ons hotel zit een eettentje met vier tafels. Op de stoep loopt een dame met een draadloze microfoon in haar hand. Een scooter stopt en via haar microfoon wordt de bestelling doorgegeven aan de keuken. Dit gaat af en aan door. Gemiddeld staat elke scooter ongeveer twee minuten stil om vervolgens de lunch van die dag mee te nemen naar kantoor, winkel of andere werkplek.
Na een kwartier verschijnt er een heer die ons komt ophalen voor de tour. We stappen in het gereedstaande busje samen met een Australische jongedame. Vervolgens rijdt de bus naar een ander gedeelte in Saigon en worden we verder onderverdeeld in half day tour en whole day tour en dat weer al naar gelang de dagbesteding. Uiteindelijk is de Cao Dai/Cu Chi whole day tour onderweg. Onze reisefuhrer van dienst is Hung ('it means hero'vertelt Hung Like a Horse trots) die het dagprogramma met ons doorneemt.
Onze eerste stop is een modelvoorbeeld van het programma wat de Vietnamese overheid heeft opgezet om de slachtoffers van het ontbladeringsmiddelAgent_Orange van een waardige aangepaste werkomgeving te voorzien. Het voelt toch heel erg als aappies kijken Mensen met allerlei aangeboren afwijkingen als gevolg van Agent Orange zijn bezig met polijsten, schuren, zagen, verven, het aanbrengen van bladgoud en eierschaal op naar mijn smaak kitschachtig handwerk. Denk aan tafels, sieradenkistjes, vazen, stoelen en kamerschermen e.d. Het betere geduldwerk maar je moet er wel van houden. Een halfuurtje verder worden we al weer bij de bus verwacht en dat is al lang zat. Hung grijpt weer de microfoon en vertelt ons gezelschap dat uit plusminus 15 personen bestaat dat de Amerikanen wel een compensatieregeling hebben getroffen maar dat dit niet toereikend genoeg voor de slachtoffers en hun genetisch getroffen nazaten.
Na anderhalf uur busschudden, de Toyotabus is klein en de stoelen zijn geheel op de Aziatische markt gericht, bereiken we het Cao Dai tempelcomplex. We zijn op tijd voor het middaggebed dat ongeveer een half uur zal duren. De dienst is mooi vanwege de prachtige kledij van de deelnemers en het fantastische decor van de tempel, de muziek en zang surrealistisch en ondanks dat een bepaald gevoel van voyeurisme je bekruipt is het geen Joop van de Ende productie, opgezet om louter de bezoeker te behagen. We stappen na het einde van de dienst weer in de bus en bereiken na twintig minuten het restaurant waar we de lunch zullen gebruiken. Na de lunch nog zeker anderhalf uur busschudden door één van de rijkste gebieden van Vietnam. Rijen aaneengesloten rubberbomen vormen zich hier tot immense rubberplantages. Af en toe afgewisseld door enorme villas van de eigenaren. Indrukwekkend maar de monotonie van het landschap veroorzaakt toch een na-de-lunchwegtrekker. Als ik wakker wordt hebben we het bezoekerscentrum van de Cu Chi tunnels bereikt. Onze gids gaat ons voor. Hij vertelt en laat zien hoe de Vietcong het uitgebreide tunnelcomplex en de meest gruwelijke valkuilen aanlegden.
Voor dat we de special voor bezoekers vergrote tunnels in mogen is er nog gelegenheid om met in die tijd gebruikte wapens te knallen op de shooting-range (dit uiteraard tegen betaling).
M60, M16 en AK47 om maar wat te noemen. Automatisch met de zware M60 of single shot met M16 of AK47. Het wordt de laatste. Minimum afname 10 patronen. Oorkleppen op en ik mag als eerste knallen. Vijf patronen verder draag ik het wapen, dit uiteraard onder streng toezicht van een instructeur, over aan Lin die na één schot enigszins geschrokken door de terugslag het wel voor gezien houdt. Jottum ! Ik mag de vier die nog over zijn zegt het kleine jongetje wat in mij schuilt. 'Mogen we een lege huls meenemen als souvenir ?'vragen we de instructeur. Hij grijpt een handvol uit de enorme berg die op de grond ligt. We houden er ieder één.
Ik besluit de bezoekerstunnel niet in te gaan. Dit niet vanwege claustrofobische redenen maar de tunnels die uit meerdere niveaus ( drie ) bestaan bieden op niveau twee en drie onderdak aan vleermuizen. De gedachte dat ik toevallig op niveau 1 (de vergrote bezoekerstunnel is 80 breed en 120 hoog) mijn vliegende fobie zou treffen is al genoeg om dit gedeelte over te slaan. Lin durft het wel aan maar vertelt dat het kruipen door de tunnel (eerste gedeelte verlicht vervolgens aardedonker) benauwend is.
Ongetwijfeld raak ik dan in paniek als ik een vleermuis zou treffen in deze ruimte, heb ik als ze me uiteindelijk uitgegraven ben een heel strak wit jasje zonder mouwen aan en meer valium in mijn lijf dan de dagelijkse productie van Hoffmann La Roche.
Na de tunnels krijgen we nog jungle voedsel bestaande uit groene thee en gekookt cassave die je kan dippen in een mengsel van cashew en suiker. Smaakt erg lekker en er staat genoeg. We mogen de bus weer in en bereiken Saigon als de avond valt en dito spits inzet. Nog diezelfde avond boeken we twee vliegtickets naar Phu Quoc Island. Morgen vertrekken we met Vietnam Airlines.
De plaatselijke Mango (voor niet-insiders een kledingketen) heeft sale en aangezien we morgenvroeg vertrekken moet Lin absoluut nog even dat kittige zilveren tasje scoren wat ze bij een eerder bezoek wel zag maar niet kocht en dus nu spijt van heeft. Aangezien het tegen negen uur loopt is spoed geboden. Met gevaar voor eigen leven bereiken we de winkelstraat. Lin struikelt omdat ze met haar voet in een gat in het trottoir blijft steken. Een gat in haar knie en een gekneusde teen is het gevolg. Getraind door alle Vietnam oorlogsfilms roep ik 'medic, medic en fire in the hole`. Het bloed zegt haar niks, bijtend op de als souvenir meegenomen patroonhuls ploegt Linbo I,II en III verder om uiteindelijk net als de Amerikanen haar nederlaag te erkennen en met lege handen Saigon te verlaten als blijkt dat Mango gesloten is. Ik hoop dat er genoeg alcohol in Saigon is om de psychische en fysieke opgelopen schade te verdoven.
Saigon : Lazy sunday afternoon
Vroeg uit de veren! Zondagochtend Saigon ontdekken. Een behoorlijk ontbijtbuffet met continental (met baguette) of Vietnamees eten wacht ons op. Wat dan wel prettig is van de Franse koloniale overheersing is dat koffie echt koffie is en geen Nescafé zoals in Thailand vaak het geval is. En eindelijk weer eens gebakken rijst bij het ontbijt.
Het is zondagochtend in de Volksrepubliek en de straten zijn behoorlijk verlaten voor Saigonbegrippen. Mijn haar heeft weer een knipbeurt nodig. En ja, er is een kapsalon open. In de salon een dozijn minirokjes korter dan een gemiddeld washandje met daarin zwaar opgemaakte dametjes in de legale leeftijd. Gaan hier die martelaren naar toe die sterven voor de Jihad? Het antwoord is nee: het betreft dan maagden. Deze dames, met alle respect, hebben geen maagdelijk aureool. Ik neem plaats in de stoel en er wordt mij verzocht even te wachten. Terwijl ik moeilijk een keuze kan maken wie de gelukkige is voor het verzorgen van mijn kapsel wordt de keuze al voor mij gemaakt. Een veel te hippe jongeman met coupe soleil en een soort van timmermansgordel met daarin een scharen, messen en andere kappersgereedschap betreedt de salon. Eén van de kapsalonnimfen die Engels lispelend vraagt hoe ik geknipt wil worden. Ik beantwoord haar vraag en Andlé Lon gaat voortvarend aan de slag. Ondertussen heeft een lokaal heerschap de salon betreden. Als wespen op een Cornetto vliegt de helft van de salonnimfen op hem af, zijn schouders en handen masserend. Gebruik ik de verkeerde deodorant of zo? Heb ik het niet goed uitgelegd? Ging er in de vertaling wat fout?`
Fris geknipt en ongeveer drie dollar armer slenteren we verder door de brede straten van Saigon. Wat opvalt zijn de hoge bomen die langs de straten en boulevards staan. Het doet erg Frans aan. Dit gevoel wordt verstevigd door het ontbreken van echte hoogbouw zoals in andere Aziatische landen wel het geval is
Linda is de lensdop van de Nikon kwijtgeraakt tijdens haar vlindersafari. In een piepklein winkeltje vinden we de 52 mm dop voor weinig. We worden verzocht even plaats te nemen op een plastic krukje. 'five minute' en de winkelmevrouw start de scooter en komt inderdaad later met de beoogde dop terug.
We begeven ons naar de Ben Than market. Een groot overdekt complex met diverse koopwaar. ' T shilt fol you mistel', 'Nice blacelet madame'? Maar ook stalletjes met etenswaren, stalletjes waar je wat kunt eten en drinken. Dit alles met een doorgang tussen de kraampjes vergelijkbaar met het ondergrondse Vietcong tunnelcomplex. Maar daarover later meer. Louis Vuitton, Prada, Gucci en andere gerenommeerde modehuizen zijn hier vertegenwoordigd. Althans in de voor het grote publiek betaalbare variant. Ook wij schaffen hier beiden een mooie sjaal aan maar wel 'merkloos'.
Bij een groot hotel storten we ons op het terras en in de schaduw neer. 'Twee wodka martini miss'. Even later zitten we aan de gemarineerde aan een cocktailprikker geregen olijven. Want je wil ook wat gezonds binnenkrijgen, nietwaar. Twee wodka martini's verder gaan we echt Vietnamees eten. Dat betekent plaatsnemen op krukjes van 30 centimeter hoogte ergens op het trottoir aan tafels die 20 centimeter hoog zijn. Veel groente, veel bouillon, veel noedels en iets wat op tofu lijkt. Maar ook ijskoud bier om het weg te spoelen. Ongetwijfeld authentiek maar het kan ons niet erg bekoren.
We boeken voor morgen een tour naar de grootste Cao_Dai tempel van het land van het land en het Vietcong tunnelcomplex van Cu Chi. We doen ons weer tegoed aan koude bieren en koud eten bij het Japanse restaurant.
The Beerhunter: Koh Chang, Trat, Bangkok en Saigon
Behalve een beetje lezen, hangen en andere strandachtige bewegingen zijn onze inspanningen de afgelopen dagen tot een minimum beperkt gebleven. Vandaag vertrekt Djaad weer naar Amsterdam en gaan wij met z'n tweeën verder. De avond van te voren hebben we alles ingepakt. Djaad al vast spullen meegegeven die wij op onze verdere reis toch niet meer gebruiken.
Vroeg opgestaan want we moeten met ferry van 07.00 uur hebben. Onze vlucht van Trat naar Bangkok vertrekt 10.00 uur, aankomst Bangkok 11.00. Gelukkig is het wel hetzelfde vliegveld, Suvarnabhumi, en niet Don Muang wat aan de andere kant van de stad ligt. Djaad vliegt 13.00 dus de het is krap met overstappen en inchecken maar wel te doen. Nadat we onze koffers hebben gegrist van de band haasten we ons naar de incheckbalie van EVA Air. Waarom is het toch altijd bij balie R als je bij balie A binnenkomt. Als we bij de balie arriveren staat er geen wachtrij meer, maar inchecken is nog steeds mogelijk. Veel tijd om uitgebreid afscheid te nemen hebben we niet meer en het duurt niet lang voordat ze verdwijnt achter de paspoortencontrole en op weg gaat naar haar gate. Kus kus tot over 14 dagen en daar gaat onze kleine meisje zelfs al is ze over een half jaar meerderjarig het blijft ons kleine meisje. Wij gaan op zoek naar lunch op de luchthaven. Ik bemerk dat ik toch wel vochtige ogen krijg en meld dit ook bij Lin. ``sentimentele ouwe gek``: zegt ze. Ja, dat klopt. Gelukkig krijgen we een sms dat Djaad braaf bij de gate zit te wachten dus dat komt wel goed. Gerustgesteld bestellen we California Maki en Sashimi Tuna Sesam met een tapbier bij het Japans restaurant. Niet veel later krijgen we een sms van Djaad dat ze nu ook daadwerkelijk aan boord is.
Onze reis naar Vietnam kan beginnen. De vlucht naar Saigon met Air Asia naar HCMC oftewel Ho Chi Minh City, het vroegere Saigon, de hoofdstad van het voormalige Zuid-Vietnam vertrekt 15.55. Hoewel Ho Chi Minh City de officiële naam is wordt Saigon nog steeds gebruikt. Het is dan ook niet politiek incorrect om Saigon te zeggen. Ome Ho, de vader des vaderlands en leider van de revolutie wordt nog steeds vereerd zo als Ataturk in Turkije. Zelfs de airportcode SGN is nog steeds in gebruik. Met een half uur vertraging vertrekken we naar Saigon. Het visum voor Vietnam hebben twee dagen van te voren geregeld via een Nederlands website. Je vraagt eerst een ' visa authority'aan. Je krijgt de benodigde papieren via email toe gestuurd. Printen en invullen, pasfoto erbij en klaar is kees voor 39 euri pp. Dit lever je voor de paspoortencontrole op Saigon in, neemt plaats in de wachtruimte tot je naam wordt omgeroepen. Je tikt dan nog eens 25 USD pp af en met een sierlijke sticker van de Communistische Volksrepubliek Vietnam mag je je dan melden bij de paspoortencontrole. De Volksrepubliek is dol op dollars. De dong , wettig betaalmiddel in Vietnam stelt geen ruk voor. Sterk fluctuerend is de huidige koers op die dag ongeveer 1Euro voor 26500 dong. We willen pinnen op de luchthaven maar de enige flappentapper die er is kan slechts 1 miljoen van die beestjes ophoesten ondanks dat het apparaat aangeeft dat we er 2 miljoen uit mogen persen. Iets meer dan 54 euri. We hebben een kamer in het Elegant Hotel en per taxi die luid toeterend zich perst door de Zaterdagavondspits gaan we onderweg naar ons onderkomen in Saigon. Saigon heeft 10 miljoen inwoners en acht miljoen scooters die allemaal onderweg lijken te zijn. Dat Vietnam, deel heeft uitgemaakt van het Franse Indochina is te merken als het gaat om opvattingen aangaande verkeer. Voorsorteren is een kwestie van nog harder toeteren en vooral doordrukken. Verkeerslichten dienen slechts sfeerverlichting. Alles wat gemotoriseerd beweegt toetert constant. Zonder toeter kom je nergens. Ik denk dat een beetje Vietnamees naar zijn werk belt en tegen de baas zegt: 'Sorry, ik kom vandaag wat later want ik moet eerst mijn toeter laten maken'.
Als we na een halfuurtje het hotel bereiken rekenen we ongeveer 3 euri af terwijl de piccolo's (of is het dan piccili?) onze koffers naar de receptie brengen. Op onze mooie aircon kamer met twee aparte grote zachte bedden laten we onze spullen achter en gaan op zoek naar versteviging voor de inwendige mens. Op drie minuten loopafstand bevindt zich een winkelstraat. Daar te komen als voetganger vereist brutaliteit, lef en een enigszins suïcidale inslag. Rechtsafslaande scooters kunnen namelijk ook over de stoep. Linksafslaande scooters trouwens ook. De straat oversteken vergt de pioniersgeest van Abel Tasman, de vechtlust van Badr Hari en het gecombineerde geduld en verdraagzaamheid van Mahatma Gandhi en dr. Martin Luther King.
Als we dan eindelijk zijn aanbeland in de winkelstraat bezoeken we een warenhuis waar op de vijfde en tevens bovenste verdieping twee restaurants zitten. Een Japans restaurant en een restaurant met de hotpot. Het wordt het Japanse restaurant met sushi, sashimi en Tiger tapbier.
Hier eindigt het eerste avontuur in Saigon van The Beerhunter. Met een sms meldt Djaad 's nachtsdat ze veilig in Amsterdam is geland.
when the man is down and out
Het begint ‘s nachts. Uit het grote bed aan mijn rechterzijde klinkt gekreun: ik ken dit geluid. Het is de voorbode van niet veel goeds. Simon gaat naar de wc, naar de wc en nog een keer. Vroeg in de ochtend worden Djadi en ik wakker. 'Kom Djaad, laten we meteen maar naar het winkeltje gaan: Noxzy en Imodium zullen vanochtend de hoofdingrediënten van Simons ontbijt vormen'.
Nadat de duikschool BB divers wederom is afgebeld eten we de bekende ananas/watermeloen, orangejuice en musli , de droge toast gaat mee naar boven voor Simon. We besluiten om hem te laten slapen en de waterval Klong Po te bezoeken. Zo'n jungletoer is niet favoriet bij Simon en zeker niet in zijn huidige toestand. Onderweg komen we langs de olifantenfarm, de Thaise kookschool en een soort kabouterdorp bestaande uit ronde oranje huisjes met een glijbaan vanaf het dakterras naar beneden. Moet vast mooi zijn zo midden in de rimboe met al die orchideeën en vlinders om je heen.
Bij de entree betalen we ieder 200 baht en dan kan de klim beginnen. De lucht voelt vochtig en na 50 meter waan je je in een heuse jungle. Glibberige paadjes, mooi oude bomen met van die grote wortels die je bijna doen struikelen als je niet oplet. Paddenstoelen, orchideeën en bewegwijzerd tropische hardhout kortom gecultiveerd natuurschoon. Als we bij de waterval aankomen zijn we duidelijk niet de eerste. Het is druk. Om ons heen fladderen vlinders in allerlei kleuren en van diverse formaten. De grootste heeft meer weg van een vleermuis. Zie je wel, niets voor Simon. Natuurlijk zijn we al een uur zoet om die mooie vlinders met onze Nikons vast te leggen en nee dat valt niet mee. Ze zijn snel; heel snel. Plots krijg ik bij de waterval een vreemd object in mijn lens. Ik kijk langs mijn camera en wat schetst mijn verbazing: een beenprothese balanceert op de rand van het stuwmeertje. Is dit een grap? Terwijl wij voorzichtig het gebied rond de waterval beklimmen op weg naar de uitgang zie ik uit mijn ooghoek een man zich moeizaam op de kant hijsen. Ah, het been heeft gelukkig een eigenaar.
Op de terugweg stoppen we bij de olifantenfarm. Een schattig klein Dombootje wordt ons aangeboden om mee op de foto te gaan. Djadi mag hem aaien maar vindt het best eng als hij liefkozend zijn slurfje richting haar gezicht slingert. We lopen door naar de grote weg om een taxi aan te houden en passeren het winkelcentrum. We slaan kaas en chocolade in.
Bij aankomst in het Alina resort zit Simon op het terras: hij heeft zichzelf buitengesloten. Gelukkig voelt hij zich al beter en vertrekken we naar het strand om wat te eten. Het blijft allemaal binnen.
Waterloopkundig Museum
Jottum ! Vannacht om twee uur wakker geworden met een onbestendig gevoel in de maag. Ik wil wel een scheet laten maar ik vrees voor een grote bende in mijn bed. In de badkamer wordt mijn vermoeden bevestigd. Zwarte koffie maar dan een slap bakkie. Ik kruip weer in bed en probeer te slapen. Dit ritueel zal zich de komende uren blijven herhalen tot dat het tijd is om op te staan en Imodium te kopen bij de apotheek zodat dit afvalverwerkingsproces stilgelegd kan worden. Ik ben er niet echt ziek van maar wel verslapt door vochtverlies en slaapgebrek. Duiken in mijn toestand is geen goede keuze. Bovendien zullen de achter mij zwemmende duikers denken dat ik een inktvis ben als ikweer eens een koffiezetapparaat imiteer.
Ik neem mijn Imodium en wacht onderwijl mijn slaapgebrek compenserend in bed tot dit middel zijn werk gaat doen. De dames gaan shoppen en olifanten bekijken. Zo ver van mijn badkamer durf ik niet te gaan.
Gestrand
We proberen maar weer eens een dag in te lasten voor onze duiktrip. We hebben nu een afspraak staan voor drie januari. Onze dag bestaat uit niet veel meer dan eten, drinken, ringwerpen, strandwandelen en lezen op het strand. Kortom relaxen.
Nieuwjaarsduik met mutsen
Twaalf uur hebben we met de Isaan-posse afgesproken om te gaan picknicken in Isaan style op het strand. De dames, Pom en Oi hebben al wat inkopen gedaan: garnalen, ossenhaas en kip. Grote thermokisten met ijs met daar in o.a.: vlees, vis, Hong Thong ( Thaise whisky) en rijstjenever staan achter op de pickup truck. Onderweg stoppen we nog bij een lokale groenteman en kopen de dames nog groenten waaronder morning glory. Op een camping aan zee betalen we 50 Baht (EUR 1,25) pp om gebruik te maken van vier betonnen bankjes en dito tafel op twee meter vanaf de kustlijn.
Pom en Oi maken kwartier. Een kleipot van 30 centimeter hoog en 20 centimeter diameter dient als bbq en tevens als hittebron van de soeppot. Back home in Isaan gebruiken ze niet meer dan dit en worden hele gezinnen voorzien van eten d.m.v. deze portakitchen. Terwijl de houtskool wordt aangestoken leggen ze een aantal garnalen in een marinade met pepers, knoflook, kruiden en zuur. Als extra voorzorgsmaatregel gaan de garnalen eerstin een grote plastic zak met daar in sodawater (zeg maar Spa Rood) , worden geschud en gespoeld met schoon water, dit om te voorkomen dat de bekende slechte garnaal een aanval van maag-en darmwentelen veroorzaakt. Deze moeten een uurtje marineren en zijn dan rauw te nuttigen. Isaan sashimi. Onderwijl gaan de eerste plakken ossenhaas op de bbq. Hier is men nogal huiverig voor het van rauw vlees maar Chiel heeft ze uitgelegd dat medium rare heel goed te eten is. Gelukkig maar want doorgeslagen ossenhaas is als het loopvlak van een vrachtwagenband. Ik ben erg benieuwd naar de garnalen. Nadat er één is ontdaan van alle rode en groene pepers durf ik het aan. Ja, toch wel lekker maar nog steeds pikant maar goed te doen. De Hong Thong, aangemaakt met cola en ijs vloeit rijkelijk dankzij Oi die ieder leeg glas onmiddellijk weer aanvult. Pom zorgt er voor dat de borden en kommetjes gevuld blijven met eten. Rond twee uur is het tijd voor de traditionele Nieuwjaarsduik en gewapend met Unoxmuts rennen we het water met een temperatuur van 28 graden in. Net als in Zandvoort of Scheveningen maar dan net even anders. De tweede van Schiphol meegebrachte fles Pro secco knalt open en we toasten op 2012. Noi die nog nooit van zijn leven zee heeft gezien weet ook hier schelpen en krabben te vangen om te eten. Met alle respect voor onze Drentse vrienden maar dat zie ik hen echt niet doen.
Tussen zes en zeven als we bijna alles op hebben wordt het donker. De camping is inmiddels volgestroomd met Thai die ook massaal aan de bbq gaan. De groep naast ons wil ons graag nog wat te drinken aanbieden. Dus ontkomen we er niet aan om de door hun meegebrachte Johnny Walker Red Label te nuttigen. Ik vind het vies maar wil ze ook niet voor het hoofd stoten dus 1,2,3,4 in godsnaam en het is weg. Dat wordt gezien als aanmoediging en wederom heb ik zo'n glas voor me.
We verontschuldigen ons met de smoes dat Djadi zich niet zo lekker voelt en naar de hotelkamer moet. Als we het campingterrein verlaten en ons slingerend, stijgen en dalend achter in de pickup over de weg terug rijden zingen we meerstemmig Bohemian Rhapsody van Queen ondersteund door luchtgitaar en thermokist drumstel.